In de Nederlandse boekenwereld loopt al maanden een conflict over AI. Het gaat over duizenden boeken die niemand heeft geschreven, en over de vraag wie mag beslissen dat een tekst een AI-model in gaat. Achter beide zit dezelfde vraag die jij als ondernemer met content ook moet beantwoorden, of je nu boeken verkoopt of alleen een website vult.
Duizenden titels, één bedrijf
Uitgeverij Andries B.V. uit Hendrik-Ido-Ambacht biedt sinds 2025 non-fictieboeken aan. Inmiddels gaat het om duizenden titels, waarvan het overgrote deel begint met “Alles over…”. De onderwerpen lopen van steden tot aquariumvissen tot het leeuwenkopkonijn. De boeken verschijnen via print on demand, dus er wordt pas gedrukt als iemand bestelt. Veel titels kosten € 16,95 (Bron: NOS, 13 mei 2026).
Ze zijn met AI gemaakt. Dat erkent Andries Herremans, de man achter het bedrijf, ook. Volgens hem kijkt een team van een onderwerpbedenker, schrijver en redacteur scherp mee en stuurt dat het proces bij.
Het probleem zat in de etalage. Op de meeste verkoopsites stonden de boeken lange tijd als gewone boeken, zonder zichtbare vermelding dat AI het werk had gedaan. Alleen Bol meldde het vanaf het begin. Pas na berichtgeving in Trouw pasten Bruna en De Slegte hun beschrijvingen aan. Bij Bruna, dat meer dan 1500 titels van het bedrijf aanbiedt, staat nu dat de boeken “mede tot stand zijn gekomen met AI”.
Noor van der Heijden van de Auteursbond noemde de werkwijze in Trouw “ongekend” en “alarmerend”. NBD Biblion, dat bibliotheken helpt bij hun selectie, weert AI-gemaakte boeken uit het assortiment. Van de ongeveer 25.000 Nederlandstalige boeken die jaarlijks verschijnen, nemen bibliotheken er zo’n 15.000 op.
Beginner-tip:Print on demand betekent dat een boek pas gedrukt wordt als er een bestelling binnenkomt. Er ligt dus geen voorraad en er is nauwelijks startkapitaal nodig. Dat verklaart hoe één bedrijf duizenden titels tegelijk in de schappen kan hebben.
Les één: vermeld het, ook als het niet hoeft
Er is een Duitse uitgever, Saage Media, die het anders aanpakt. Ook daar staan meer dan duizend AI-gemaakte titels in vier talen, maar het bedrijf zet auteurs op de kaft en meldt op de eigen site dat er AI wordt gebruikt. Daarmee gaat het naar eigen zeggen bewust verder dan wat de wet vereist (Bron: Boekenkrant, 19 maart 2026).
Dat verschil in aanpak is het hele verhaal. Beide bedrijven doen technisch hetzelfde. De één krijgt de wind van voren en wordt uit bibliotheken geweerd, de ander wordt in het vakblad als tegenvoorbeeld genoemd.
Voor jouw bedrijf is de juridische lat lager dan je misschien denkt. Artikel 50 van de AI-verordening geldt sinds 2 augustus 2026, maar raakt vooral chatbots, deepfakes en ongecontroleerde AI-tekst over zaken van algemeen belang. Een productbeschrijving of handleiding valt daar meestal buiten, zoals we eerder uitwerkten in het stuk over LinkedIn en AI-slop.
De platformlat ligt hoger. Bol vermeldt het, LinkedIn drukt lege AI-posts weg in het bereik, en bibliotheken weren AI-boeken volledig. Wie wacht tot de wet het afdwingt, loopt achter op de partij die zijn schappen vult.
Let op:Vermelden dat AI is gebruikt betekent niet dat je de kwaliteit uit handen geeft. De kritiek op Andries B.V. gaat niet alleen over het ontbreken van een label, maar ook over anglicismen en taalfouten in de beschrijvingen. Een zichtbaar AI-label bij slechte tekst maakt het niet beter.
Les twee: leg vast wat AI met jouw werk mag
De tweede helft van het conflict gaat de andere kant op. Niet over wat jij met AI maakt, maar over wat AI met jouw werk doet.
Op 22 juni 2026 lanceerden uitgevers VBK, WPG, Lannoo en Maven samen met distributeur CB het platform Bookpact.ai. Uitgevers kunnen daar per titel via opt-in bepalen of een boek door AI-bedrijven gebruikt mag worden, waarvoor precies (training, vertaling, samenvatting) en tegen welke vergoeding (Bron: Boekblad).
De Auteursbond zet daar de rem op. Auteurs moeten direct betrokken worden bij afspraken over hun eigen werk en niet pas via hun uitgever, stelt de bond. Zolang niet duidelijk is welke afspraken de uitgevers met het platform hebben gemaakt, adviseert de Auteursbond schrijvers om geen toestemming te geven (Bron: Auteursbond). Samen met de NVJ en Lira wordt gewerkt aan een collectieve regeling.
Herken je dit? Vervang “uitgever” door “opdrachtgever” en “boek” door “de teksten, foto’s of video’s die jij levert”, en het is jouw situatie. Een ontwerper die huisstijlwerk aanlevert, een tekstschrijver die een kennisbank vult, een fotograaf die productbeelden levert: in vrijwel geen enkele opdrachtbevestiging staat wat de klant daarna met dat materiaal richting AI-bedrijven mag.
Drie zinnen die je nu kunt toevoegen
Concreet, in je offerte of algemene voorwaarden:
- Leg vast of de opdrachtgever het geleverde werk mag aanbieden voor het trainen van AI-modellen, en zo ja tegen welke vergoeding
- Leg vast of jouw naam als maker verbonden blijft aan het werk wanneer het wordt hergebruikt
- Leg vast dat jij zelf toestemming geeft, niet een tussenpartij namens jou
En aan de andere kant van de tafel, als jij met AI produceert: zet in de productinformatie hoe het gemaakt is. Eén regel volstaat.
Wat de boekenwereld nu doormaakt, komt de komende jaren bij elke sector langs waar tekst en beeld het product zijn. De partijen die er nu ruzie over maken, doen dat vooral omdat er geen afspraken lagen toen het begon. Die van jou kun je vandaag nog opschrijven.
