Verdieping6 minGevorderd

AI-content detecteren: wat werkt wel, en wat niet

Beeld en audio uit ChatGPT dragen sinds mei 2026 een watermerk. Voor tekst bestaat dat niet. Wat dat betekent als je content inkoopt bij bureau of freelancer.

Miniatuur diorama-illustratie bij artikel 'AI-content detecteren: wat werkt wel, en wat niet'

Stel: je krijgt een campagnebeeld van je bureau en een tekst van een freelancer, en je vraagt je af hoeveel daarvan door een mens is gemaakt. Voor het beeld kun je dat sinds dit jaar vaak nakijken. Voor de tekst niet. Dat verschil is groter dan de meeste ondernemers denken, en het bepaalt hoe je je afspraken zou moeten inrichten.

Voor beeld en audio bestaat nu een spoor

Sinds 19 mei 2026 draagt elk beeld dat via ChatGPT, Codex of de OpenAI API wordt gegenereerd twee dingen: C2PA-metadata en een onzichtbaar SynthID-watermerk van Google DeepMind (Bron: OpenAI). Op 31 juli 2026 kwam daar ondersteunde audio bij, plus API-toegang zodat bedrijven de controle in hun eigen werkstroom kunnen inbouwen.

Die twee lagen doen verschillend werk. C2PA is de papieren versie: ondertekende metadata die vertelt waar een bestand vandaan komt en of het bewerkt is. Handig, maar breekbaar. Metadata verdwijnt bij een screenshot, een upload naar een platform dat bestanden herverpakt, of een simpele formaatwijziging. Het watermerk zit in de beeldpunten zelf en overleeft dat soort bewerkingen beter.

Beginner-tip:Een watermerk is hier niet het zichtbare logo dat je op een stockfoto ziet. SynthID verandert de beeldpunten zo licht dat je het met het oog niet ziet, maar een detector wel. Het is meer een stempel in onzichtbare inkt dan een sticker.

OpenAI heeft daar een publieke verificatietool bij, waar je een bestand uploadt en ziet of die signalen erin zitten. Twee beperkingen staan er eerlijk bij. De tool kijkt alleen naar materiaal uit OpenAI’s eigen gereedschap. En vindt hij niets, dan trekt hij geen conclusie, omdat signalen weggehaald kunnen zijn.

Het is niet OpenAI alleen. SynthID is inmiddels een standaard die over meerdere aanbieders heen loopt, met Google, OpenAI, Nvidia, ElevenLabs en Kakao die er hun output mee markeren, en meer dan 100 miljard gemarkeerde items in mei 2026 (Bron: Google DeepMind).

Voor tekst bestaat dat spoor niet

Hier houdt het op, en het is belangrijk dat je weet waaróm het ophoudt.

Er ís watermerktechniek voor tekst. SynthID Text stuurt de woordkeuze van een model heel licht bij, zodat er een patroon in de tekst zit dat een detector kan herkennen. Google zet het in op Gemini. Maar de eigen documentatie is open over de grenzen: het watermerk verzwakt sterk zodra iemand de tekst grondig herschrijft of naar een andere taal vertaalt, en bij feitelijke, korte antwoorden is er nauwelijks ruimte om het aan te brengen zonder de juistheid aan te tasten (Bron: Google).

Daar komt de fundamentele beperking bij: een watermerk bewijst alleen dat een déélnemend model iets heeft gemaakt. Het zegt niets over tekst uit een model dat niet meedoet, en niets over tekst waarvan het signaal is weggepoetst. Eén keer door een ander model laten herschrijven is genoeg.

Blijven over de statistische detectoren, waarvan GPTZero de bekendste is. Die kijken naar hoe voorspelbaar de woordkeuze is en geven een waarschijnlijkheid terug. Het is een serieus product, geen speeltje: bij de overname door Superhuman, het moederbedrijf van Grammarly, ging het om ruim 19 miljoen geregistreerde gebruikers en zo’n 30 miljoen dollar jaarlijks terugkerende omzet (Bron: TechCrunch, 23 juni 2026). Maar een waarschijnlijkheid is geen bewijs. Wie strak en eenvoudig schrijft, scoort AI-achtig; wie een AI-tekst een uur bijschaaft, scoort menselijk.

Let op:Ga nooit een zakelijk conflict in op basis van een detectiescore. Een leverancier die zegt dat hij het zelf schreef en een tool die 87% AI aangeeft, leveren samen een discussie op die je niet kunt winnen en een relatie die je wel kunt verliezen.

Wat dit betekent voor je inkoop

De praktische conclusie is oncomfortabel maar bruikbaar: detectie achteraf is voor tekst geen instrument, en voor beeld alleen een instrument als het materiaal uit een deelnemend model komt en nog niet door de mangel is gehaald. Je stuurt dus vooraf, in de afspraak.

Zet in je opdrachtbevestiging drie dingen. Welk AI-gebruik is toegestaan, in gewone taal en per fase: research, eerste opzet, eindtekst, beeld. Wie het risico draagt als er beschermd materiaal in blijkt te zitten, wat we uitwerkten in AI en auteursrecht: welke vrijwaring je wel en niet hebt. En welke bestanden je krijgt: niet alleen de geëxporteerde JPG, ook het origineel met zijn metadata, zodat het spoor niet in de eerste upload sneuvelt.

Voor je eigen uitgaande content geldt de spiegelvraag. Als jij AI inzet en dat ergens moet kunnen verantwoorden, bewaar dan wat je gebruikte en wanneer. Dezelfde reflex beschreven we eerder rond AI-boeken en transparantie over eigen content. Wie in Nederland op de transparantieregels rond AI toeziet, staat in ons overzicht van de toezichthouders onder de AI Act.

Waar het naartoe gaat

Twee bewegingen zijn het volgen waard. De eerste is verbreding: OpenAI zegt de verificatie op termijn ook buiten het eigen materiaal te willen laten werken, en Google bouwt aan een detectie-API voor zakelijke klanten. Als dat samenkomt, wordt “is dit beeld gegenereerd” een routinecontrole in plaats van een speurtocht.

De tweede is dat tekst waarschijnlijk het gat blijft. De eigenschap die tekst zo bruikbaar maakt, namelijk dat je hem eindeloos kunt herschrijven zonder dat er iets kapotgaat, is precies de eigenschap die elk watermerk uitwist. Reken er niet op dat daar een technische oplossing voor komt die jouw contract overbodig maakt.

Kijk deze maand één ding na: staat er in je standaard opdrachtbevestiging iets over AI-gebruik? Zo niet, dan is dat een half uur werk dat meer oplevert dan elke detectietool die je zou kunnen kopen.

Veelgestelde vragen

Kun je zien of een afbeelding door AI is gemaakt?

Steeds vaker wel, mits die uit een deelnemend model komt. Elke afbeelding die sinds 19 mei 2026 via ChatGPT, Codex of de OpenAI API wordt gegenereerd, draagt een onzichtbaar SynthID-watermerk en C2PA-metadata. Via de publieke verificatietool van OpenAI upload je een bestand en zie je of die signalen erin zitten. Vindt de tool niets, dan zegt dat weinig: signalen kunnen zijn weggehaald, of het beeld komt uit een model dat niet meedoet.

Werkt AI-detectie ook op tekst?

Niet betrouwbaar. Er is wel watermerktechniek voor tekst, SynthID Text, maar die werkt alleen op tekst uit deelnemende Google-modellen en verzwakt zodra iemand het stuk grondig herschrijft of naar een andere taal vertaalt. Bij feitelijke, korte antwoorden is er te weinig ruimte om een watermerk in te bouwen. Statistische detectoren die zonder watermerk werken, zoals GPTZero, geven een waarschijnlijkheid en geen bewijs. Voor een zakelijk conflict is dat te zwak.

Wat is C2PA en wat heb ik eraan?

C2PA is een open standaard waarmee informatie over de herkomst van een bestand meereist in de metadata, cryptografisch ondertekend. Je ziet dan wie het maakte, waarmee, en of het bewerkt is. Het nadeel: metadata is kwetsbaar. Een screenshot, een upload naar een social platform of een formaatwijziging kan het geheel wissen. Daarom combineert OpenAI het met een watermerk dat zulke bewerkingen wél overleeft.

Wat leg ik vast met een freelancer of bureau?

Drie dingen in de opdrachtbevestiging. Eén: welk AI-gebruik is toegestaan, van 'alleen voor research' tot 'eindtekst mag AI-gegenereerd zijn'. Twee: wie draagt het risico als er auteursrechtelijk beschermd materiaal in blijkt te zitten. Drie: welke bestanden je aangeleverd krijgt, inclusief de originelen met hun metadata. Dat is beter afdwingbaar dan een detectietool die achteraf een percentage geeft dat niemand kan controleren.

Moet ik zelf melden dat ik AI gebruik in mijn content?

Voor de meeste marketingcontent is er geen algemene meldplicht. Wel gelden er transparantieregels rond AI-systemen die met mensen communiceren of synthetisch materiaal produceren, en die worden in Nederland door meerdere toezichthouders bewaakt. Los daarvan is er een praktische reden om het te doen: klanten die er later zelf achter komen, reageren doorgaans slechter dan klanten die het vooraf wisten.

Bronnen

Waar deze informatie vandaan komt.