AI in het MKB groeit, maar niet overal even hard. In juni stond het gat tussen kleine en middelgrote bedrijven in onze analyse nog op 14 procentpunten, op basis van een secundaire bron. Inmiddels zijn er primaire cijfers van het CBS en Eurostat, en die komen uit op 18 procentpunten. Hieronder de vijf cijfers die er in september 2026 toe doen, plus twee regelwijzigingen die je planning raken.
Beginner-tip:Dit is een analyse, geen handleiding. Wil je meteen iets doen? Spring naar de laatste sectie,“Waar stuur je nu op?”, voor drie concrete stappen.
De cijfers in het kort
| Cijfer | Wat het zegt | Bron |
|---|---|---|
| 27% vs. 45% | AI-gebruik bij bedrijven met 10–50 tegenover 50–250 werkzame personen (2025) | CBS |
| 13,8% | microbedrijven (2–9 werkzame personen) met AI in 2025, tegen 6,8% in 2023 | CBS |
| 73% | van de bedrijven die AI overwogen maar niet gebruiken, noemt gebrek aan ervaring | CBS |
| 33,2% | Nederlandse bedrijven (10+) met AI: plek zes in de EU, gemiddelde 20,0% | Eurostat |
| 2 dec. 2027 | nieuwe startdatum van de hoog-risico-regels uit de AI Act (Bijlage III) | Digital Omnibus |
Hoe groot is het gat tussen kleine en middelgrote bedrijven?
Het CBS telde in 2025 bij 27% van de bedrijven met 10 tot 50 werkzame personen AI-gebruik, tegen 45% bij bedrijven met 50 tot 250 werkzame personen. Dat is een verschil van 18 procentpunten. Over alle bedrijven vanaf twee werkzame personen kwam het CBS op 17%, na 13% in 2024 en 8% in 2023. Bij de grootste bedrijven, met 250 of meer werkzame personen, is het 66%. De cijfers zijn voorlopig en verschenen op 12 december 2025 (Bron: CBS).
In juni stond het gat nog op 14 procentpunten: 28% tegen 42%. Dat cijfer kwam van een secundaire bron met een andere afbakening. Het grotere gat betekent dus niet dat de kloof sinds juni is gegroeid. Het is dezelfde kloof, nu gemeten door het statistiekbureau zelf.
Stel je een installatiebedrijf met twaalf mensen voor. De eigenaar calculeert, plant en staat af en toe zelf nog op de steiger. Bij de concurrent met zestig mensen zit iemand op kantoor die een middag kan vrijmaken om een offerte-assistent uit te proberen. Dat verschil in vrije uren zie je terug in die 18 procentpunten.
Gevorderden:CBS en Eurostat publiceren allebei cijfers over Nederlandse bedrijven, maar met een andere afbakening. Het CBS rekent met 10 tot 50 werkzame personen en telt de financiële sector mee. Eurostat rekent met 10 tot 49 en laat de financiële sector buiten beschouwing. Daarom zie je voor “klein” 27% bij het CBS en 28,8% bij Eurostat. Vergelijk cijfers altijd binnen één bron.
Hoe staan microbedrijven ervoor?
Van de microbedrijven, met 2 tot 9 werkzame personen, gebruikte 13,8% in 2025 minstens één AI-technologie. In 2023 was dat 6,8%. Het gebruik verdubbelde dus in twee jaar, maar ligt nog ver onder het midden- en kleinbedrijf (29,8%) en het grootbedrijf (66,2%). Het CBS publiceerde deze cijfers op 16 maart 2026 in een aparte longread over microbedrijven (Bron: CBS).
Het gemiddelde verbergt veel. Onder IT-microbedrijven gebruikt 50,4% AI, bij specialistische zakelijke dienstverleners is het 27,1%. In de bouw is het 4,6%, in de horeca 4,2% en in vervoer en opslag 3,6% (Bron: CBS). Een klein softwarebureau zonder AI is inmiddels een uitzondering. Een kleine aannemer mét AI ook.
Eén kanttekening: zzp’ers zonder personeel zitten niet in deze meting. Een microbedrijf is voor het CBS een bedrijf met 2 tot 9 werkzame personen, dus de eenmanszaak die ChatGPT gebruikt voor offertes valt erbuiten.
Hoe je van losse proeven naar een vaste werkwijze gaat, staat in ons stappenplan AI implementeren in je mkb.
Waarom beginnen bedrijven niet met AI?
Gebrek aan ervaring is de grootste rem. Van de bedrijven die AI wel overwogen maar toch niet gebruiken, noemt 73% dat als reden. Daarna volgen privacy (49%) en onduidelijkheid over juridische gevolgen (42%). Maar 15% vindt AI niet nuttig (Bron: CBS).
Dat is een ander soort vraag dan de drempel-enquête die we in juni aanhaalden, waar tijd- en mensentekort bovenaan stond. Maar de boodschap is dezelfde: het knelpunt zit niet in geld of in twijfel over het nut. Het zit in kennis, uren en vertrouwen. Eurostat ziet Europa-breed hetzelfde beeld, met gebrek aan expertise als meest genoemde reden (Bron: Eurostat).
Voor ondernemers is dat eigenlijk goed nieuws. Ervaring kun je opbouwen zonder groot budget. De AI Act vraagt bovendien al sinds februari 2025 dat je team AI-geletterd is; hoe je dat licht regelt, lees je in wat de AI Act aan AI-geletterdheid van je bedrijf vraagt. Twee vliegen in één klap: je voldoet aan de wet en je haalt de grootste drempel weg.
Waar staat Nederland in Europa?
In de Eurostat-cijfers over 2025 gebruikte 33,2% van de Nederlandse bedrijven met 10 of meer werkzame personen AI. Dat is plek zes in de EU, na Denemarken (42,0%), Finland (37,8%), Zweden (35,0%), België (34,5%) en Luxemburg (33,6%). Het EU-gemiddelde steeg van 13,5% in 2024 naar 20,0% in 2025. Eurostat publiceerde de cijfers op 11 december 2025 (Bron: Eurostat).
Eerlijk: in juni schreven we, op basis van een secundaire ranglijst, dat Nederland vijfde stond. In de Eurostat-tabel zelf staat Nederland net achter Luxemburg (Bron: Eurostat). Die ranglijst hadden we direct in de brontabel moeten controleren. Dit stuk gebruikt daarom alleen nog primaire bronnen.
Een tweede juni-zin moet ook bijgesteld. Kleine Nederlandse bedrijven, met 10 tot 49 werkzame personen, zitten niet in de Europese middenmoot. Met 28,8% liggen ze ruim boven het EU-gemiddelde voor die groep (17,0%) en staan ze ook op plek zes (Bron: Eurostat). Het gat zit dus vooral binnen Nederland, tussen klein en groot. Een uitsplitsing per bedrijfsgrootte en per toepassing vind je in AI in het Nederlandse MKB: waar je staat volgens de cijfers.
Gevorderden:Eurostat markeert de Nederlandse cijfers over 2025 met een trendbreuk (“b”). De sprong van 23,1% in 2024 naar 33,2% in 2025 kun je daardoor niet zonder meer als groei lezen; een deel kan uit een methodewijziging komen. Vergelijk Nederland in 2025 dus met andere landen in 2025, niet met zichzelf in 2024.
Wat is er veranderd aan de AI Act-deadlines?
De Digital Omnibus on AI, Verordening (EU) 2026/1744 van 8 juli 2026, is op 27 juli 2026 in werking getreden en schuift de zwaarste plichten uit de AI Act op (Bron: EUR-Lex). Hoog-risico-systemen uit Bijlage III, zoals AI bij werving en selectie, vallen pas vanaf 2 december 2027 onder de kernregels. AI in gereguleerde producten volgt op 2 augustus 2028 (Bron: Hunton). De transparantieregels gelden wel gewoon sinds 2 augustus 2026.
| Datum | Wat geldt er | Wanneer het jou raakt |
|---|---|---|
| 2 februari 2025 | verboden AI-praktijken en AI-geletterdheid (artikel 4) | je team gebruikt AI in het werk |
| 2 augustus 2026 | transparantie (artikel 50): mensen moeten weten dat ze met AI te maken hebben | je zet een chatbot in voor klanten |
| 2 december 2026 | markering van AI-gegenereerde content, voor systemen die al vóór 2 augustus 2026 op de markt waren | vooral voor aanbieders van generatieve AI-tools |
| 2 december 2027 | hoog-risico-regels voor Bijlage III-systemen | je gebruikt AI bij werving, selectie of beoordeling van mensen |
| 2 augustus 2028 | hoog-risico-regels voor AI in gereguleerde producten (Bijlage I) | je maakt producten met AI als veiligheidsonderdeel |
De plicht rond AI-geletterdheid is via de Omnibus iets afgezwakt: van zorgen voor een toereikend niveau naar maatregelen nemen die dat niveau ondersteunen (Bron: White & Case). Wie in Nederland precies toezicht houdt, ligt nog niet in de wet vast. In juni gaven toezichthouders zoals de AFM hun oordeel over het wetsvoorstel, dat toen nog in voorbereiding was (Bron: AFM).
Welk risiconiveau bij jouw tools hoort, zoek je uit met AI Act: in welk risiconiveau valt jouw AI-tool?.
Wat betekent de WhatsApp-uitspraak voor jouw klantenservice?
Op 9 juni 2026 legde de Europese Commissie Meta voorlopige maatregelen op. Meta moet concurrerende algemene AI-assistenten weer toegang geven tot de WhatsApp Business API, op de voorwaarden van vóór 15 oktober 2025 en dus zonder vergoeding. Dat blijft zo totdat de Commissie een eindbesluit neemt. Voor een taakgerichte klantenservicebot van je eigen bedrijf verandert er niets (Bron: Europese Commissie).
De achtergrond: op 15 oktober 2025 voerde Meta een beleid in dat algemene AI-assistenten, op Meta AI na, van de API weerde. Per 4 maart 2026 liet Meta ze weer toe, maar tegen een vergoeding die volgens de Commissie in de praktijk op hetzelfde verbod neerkwam. De zaak gaat dus over aanbieders van algemene assistenten die zelf via WhatsApp bereikbaar willen zijn, niet over de bakker die afspraken laat inplannen door een bot op zijn eigen nummer.
Blijft WhatsApp je belangrijkste klantkanaal, dan is een taakgerichte bot nog steeds de logische eerste stap. Hoe je die zonder developer opzet, staat in WhatsApp Business + AI: jouw eerste klantenservice-chatbot zonder code. Vergeet sinds 2 augustus 2026 één ding niet: laat de bot vanaf het eerste bericht zeggen dat hij AI is.
Waar stuur je nu op?
De cijfers van september 2026 wijzen drie kanten op. Je hoeft ze niet alle drie tegelijk op te pakken.
- Bouw ervaring op met één taak. Gebrek aan ervaring is de grootste drempel, en die haal je alleen weg door te doen. Kies één terugkerende klus (notuleren, offertes of klantvragen) en laat die een maand lang door AI voorbereiden.
- Check je klantchatbot op transparantie. Heb je een bot op je website of in WhatsApp, zorg dan dat klanten direct zien dat ze met AI praten. Die regel geldt al.
- Zet werving op je lijst voor 2027. Gebruik je AI om cv’s te filteren of kandidaten te beoordelen, dan val je vanaf 2 december 2027 onder de hoog-risico-regels. Dat is ruim een jaar, maar zo’n traject begin je niet in november 2027.
In december 2025 kwamen CBS en Eurostat allebei met nieuwe cijfers. Houden ze dezelfde kalender aan, dan zie je in december 2026 of het gat tussen klein en middelgroot kleiner wordt. Wij zetten ze dan weer voor je op een rij.
